Leuk, mijn boek ‘Doen wat werkt‘ nadert opnieuw de top 10 op managementboek.nl.
In het boek Whistling Vivaldi: And Other Clues to How Stereotypes Affect Us beschrijft sociaal psycholoog Claude Steele het werk dat hij en zijn collega’s hebben gedaan met betrekking tot het fenomeen stereotype threat.
Stereotype threat gaat over de neiging om negatieve stereotypen over je sociale categorie te verwachten, waar te nemen en door te worden beïnvloed.
Ik heb regelmatig gemerkt dat er iets vreemd kan gebeuren als je oplossingsgerichte coaches traint: terwijl ze vaardiger worden, worden ze tegelijk onzekerder over hun eigen vaardigheden. Toen ik dit voor het eerst waarnam werd ik er zelf onzeker van en vroeg ik me af of ik iets verkeerd deed. Vandaag kwam ik op één van mijn favoriete websites, Mindhacks, het Dunning–Kruger effect tegen. Dit paradoxale effect betekent dat mensen terwijl ze hun vaardigheden versterken tegelijk hun vermogen om zichzelf te beoordelen verbeteren waardoor hun zelfbeoordeling kritischer wordt.
Matt Ridley heeft een nieuw boek: The Rational Optimist: How Prosperity Evolves. Hier is een beschrijving van het boek:
“Life is getting better—and at an accelerating rate. Food availability, income, and life span are up; disease, child mortality, and violence are down — all across the globe. Though the world is far from perfect, necessities and luxuries alike are getting cheaper; population growth is slowing; Africa is following Asia out of poverty; the Internet, the mobile phone, and container shipping are enriching people’s lives as never before. The pessimists who dominate public discourse insist that we will soon reach a turning point and things will start to get worse. But they have been saying this for two hundred years.
Albert-Laszlo Barabasi heeft een nieuwe boek: Bursts: The Hidden Pattern Behind Everything We Do. Hij is tevens de auteur van Linked: The New Science of Networks, een geweldig boek dat ik hier besproken heb. Het nieuwe boek ziet er opnieuw veelbelovend uit. Hier is een beschrijving:
Eén van de meeste fascinerende bevindingen in Jim Collins’ klassieke managementboek Good to Great: Why Some Companies Make the Leap… and Others Don’t vind ik dat het spectaculairs succes van de bedrijven die hij onderzoch niet het resultaat was van een plotselinge doorbraak transformatie. In plaats daarvan was het het resultaat van een consistente focus op verbetering en het leveren van resultaten gedurende periodes van 10 jaar of langer. Collins noemde een dergelijke periode ‘the build up phase’, de opbouwfase. Toen de bedrijven plotseling spectaculair succesvol werden was er geen sprake geweest van een magische interventie, een produkt lancering, een nieuwe marktstrategie of een drastische procesverandering. Het omgekeerde was het geval. Na jaren van gedisciplineerde focus op incrementele verandering was er een omslagpunt en barstte het succes opeens uit. Het volgende grafiekje laat dat zien.
Op deze site blogt Coert Visser over de toepassing van de oplossingsgerichte benadering in organisaties.
