Hoe ontwikkelde je een realistischer perspectief?

Door: Coert Visser Gepubliceerd op 11 aug, 2010 in de rubriek Boeken & artikelen
Kennisbank onderwerpen: Oplossingsgericht managen

Opleiding

Boek van de week

Agenda

Kathryn Schulz heeft een boek geschreven met als titel Being Wrong, adventures in the margin of error. Het boek behandelt veel interessante perspectieven op wrongness, ongelijk hebben. Ik richt me hier op één van die perspectieven.

Er is een verschil tussen de wetenschappelijk methode en de benadering die we als individuen volgen als we kennis vergaren. Schulz: “De wetenschappelijk methode is in essentie een monument ter ere van de bruikbaarheid van fouten. Wetenschappers benutten falsificatie.  Niet alleen kan van elke willekeurige theorie bewen worden dat hij verkeerd is, op een zeker moment, zal dat waarschijnlijk ook gebeuren. En wanneer dat zo is, zal deze gebeurtenis een teken van het succes van wetenschap zijn, niet van haar falen.”

Volgens Schulz zien fout zijn niet als iets dat potentieel nuttig is maar hebben zij een pessimistische kijk op het fout hebben. Ze zien het als een teken van slecht geinformeerd zijn, dom zijn of slecht zijn. Het opmerkelijk is dat we vaak makkelijk zien dat iemand anders fout zit maar we merken het nauwelijks op als we zelf verkeerd zitten. Schulz legt uit dat we denken dat we gelijk hebben omdat we het gevoel hebben dat we gelijk hebben:  we nemen omexplains that we think we are right because we feel we are right: we zien onze eigen zekerheid als een teken van accuraatheid. Dit heeft te maken met het feit dat mentale processen die tot op zekere hoogte onvermijdelijk de werkelijkheid vervormen, zoals zintuigelijke waarneming en geheugen, grotendeels buiten ons bewustzijn plaatsvinden. Dit verklaart waarom we in het algemeen het gevoel hebben dat we gelijk hebben. We zijn ons niet bewust van de manier waarop we de werkelijkheid vervormen en denken daarom dat we hem niet vervormen en dat we de werkelijkheid waarnemen en onthouden zoals hij werkelijk is/was.

In feite, zegt Schulz, is er geen ervaring van ongelijk hebben. Natuurlijk kunnen we ons herinneren dat we het ooit bij het verkeerde eind hadden. Maar weten, in het hier-en-nu, dat we ongelijk hebben schept een logische onmogelijkheid: “Zo gauw we weten dat we ongelijk hebben, hebben we geen ongelijk meer want zo gauw je herkent dat iets wat je gelooft niet waar is, stop je met het geloven ervan. We kunnen dus alleen zeggen “Ik had ongelijk”.  Precies omdat het zo moelijk is om je eigen ongelijk waar te nemen ben ik geïnteresseerd in hoe individuen erin slagen om te gaan van de toestand van ongelijk hebben naar een toestand waarin je minder ongelijk hebt, een toestand waarin je iets gelooft dat meer in overeenstemming is met de realiteit.

Mijn vragen aan jou als lezer zijn: Is er een onderwerp waarvan je nu weet dat je er ooit ongelijk over had en waar je nu meer realistisch over denkt? Ik vraag je niet om het onderwerp te noemen. Ik ben in het bijzonder benieuwd naar dingen als: Hoe ontdekte je je ongelijk? Hoe ontwikkelde je een meer realitisch perspectief? Was het gemakkelijk of moelijk? Ging het langzaam of snel? Wat hielp je? Hoe weet je of dit nieuwe perspectief inderdaad minder onrealistisch is dan het perspectief dat je eerder had?

Uw reactie op deze bijdrage

  • Alle reacties die zich houden aan onze Code of conduct worden opgenomen.
  • Na het plaatsen kunt u uw reactie nog 30 minuten aanpassen.

Over OplossingsgerichtManagement.nl

Op deze site blogt Coert Visser over de toepassing van de oplossingsgerichte benadering in organisaties.

De OplossingsgerichtManagement Linkedin group

Volg OplossingsgerichtManagement op Twitter

Redactie