Hier is nr. 4 van mijn 10 misvattingen over oplossingsgericht werken: ”De wondervraag en schaalvragen zijn onmisbaar in ieder oplossingsgericht gesprek”.
Het is altijd lastig om coachings- en therapieaanpakken zoals de oplossingsgerichte aanpak op een sluitende manier te definiëren. Wat is de essentie van de aanpak en wat zijn zijn essentiële ingrediënten? En is de manier waarop de aanpak ooit werd gedefinieerd nog steeds geldig? Kennis schrijdt per slot van rekening voort en aanpakken evolueren. De wondervraag en schaalvragen zijn waarschijnlijk de twee meest bekende oplossingsgerichte interventies. Maar vormen zij de essentie van de aanpak? Zijn ze onmisbaar? Sommigen zouden deze vragen mogelijk bevestigend beantwoorden. Voor onderzoeksdoeleinden wordt zelfs vaak vereist dat beide technieken gebruikt worden om te kunnen spreken van oplossingsgerichte gesprekken.
Maar mijn zienswijze is dat zowel de wondervraag als schaalvragen prachtige manieren zijn om de essentie van oplossingsgericht werken naar voren te laten komen maar niet onmisbaar. Maar wat is dan de essentie van de aanpak? Hier is een poging om deze te definiëren. De oplossingsgerichte aanpak kan worden gedefinieerd als een aanpak waarin professionals, bijvoorbeeld coaches of therapeuten, cliënten ondersteunen door hen te beschouwen en behandelen als uniek en competent, en door responsief te zijn ten aanzien van alles wat cliënten zeggen, hen te helpen om gewenste veranderingen te visualiseren en stap voor stap te voort te bouwen op wat zij eerder hebben gedaan dat werkte.
In oplossingsgericht gesprekken is het heel goed mogelijk om effectief te zijn zonder standaardtechnieken als de wondervraag en schaalvragen te gebruiken. Het is niet strikt noodzakelijk om deze technieken te gebruiken. Eigenlijk is het zo dat je, in wat voor situatie je ook terecht komt, een overvloed aan keuzes hebt m.b.t. hoe je verder wilt gaan in het gesprek. Er zijn altijd verschillende dingen die je kunt doen op ieder punt in een gesprek. Er zijn altijd meerdere equivalente manieren om vragen en reacties te formuleren. Het gebruik van de wondervraag en van schaalvragen kan een prima idee zijn maar er zijn mogelijk alternatieven die even goed of zelfs beter kunnen werken. Deze alternatieven kunnen variaties op dezelfde basisideeën zijn. Er zijn bijvoorbeeld veel manieren waarop je cliënten kunt uitnodigen om te beginnen met het beschrijven van hun gewenste toekomst.
Dit gezegd hebbend (dat geen enkele standaardtechniek ooit verplicht is) moet ik toevoegen dat vooral schaalvragen behoren tot mijn favoriete interventies (en ditzelfde geldt voor veel andere oplossingsgericht werkenden). Ik gebruik ze vaak en heb veel plezier van hoe flexibel ze zijn en hoe nuttig ze vaak blijken te zijn. Dit brengt me in de verleiding om de oorspronkelijke stelling om te draaien en te stellen dat op ieder punt in ieder oplossingsgericht gesprek een schaalvraag een goede keuze kan zijn.
4 Reacties
[...] therapieaanpakken zoals de oplossingsgerichte aanpak op een sluitende manier te definiëren[...]) ManagementSite Netwerk Tweet Laatste [...]
Bedankt Yvonne, Ben het met je eens. We hebben wel ‘standaardtechnieken’ maar ieder gesprek is uniek en iedere cliënt ook. Door goed samen te werken met je cliënt en goed te werken met zijn of haar voorkeuren kun je in ieder gesprek kiezen welke interventies je wilt proberen. Schaalvragen zijn een goed voorbeeld. Heel vaak werken ze heel goed maar soms is er een cliënt die er niet zo van houdt (om wat voor reden dan ook). Geen probleem, dan doe je het op een andere manier
[...] 4) de wondervraag en schaalvragen zijn onmisbaar in ieder oplossingsgericht gesprek [...]



Maar weinig is echt geheel onmisbaar in het leven. Er zijn altijd andere mogelijkheden die ook goed werken.
Wat ik wel merk is dat ik de wondervraag niet altijd stel maar de client en ik wel veel hebben aan de schaalvraag.
Het is ook niet heilig. Het kan zelfs verstorend werken als de beoordeling van een 5 op dat moment anders ligt dan eerder het geval was. De client zou dan het gevoel kunnen krijgen dat hij/zij niet vooruit is gekomen terwijl dat wel zo wordt ervaren zonder die score er aan te hangen.
Daarbij komt dat mensen die vroeger veel problemen hebben gehad met moeten presteren, een aversie kunnen hebben tegen het geven van cijfers voor iets.
Sluit aan bij je client en als je het niet weet, check je of de client het fijn vindt om de voortgang, en het nut van de coaching, te monitoren met schaalvragen.