Jan Kuipers vertelde me vandaag een mooi voorbeeldje van een oplossingsgericht gesprekje met een basisschoolleerling. Paul is een jongetje dat zijn juf vaak ergerde door elke keer als hij de klas uitliep met zijn hand langs alle lichtknopjes te lopen en ze allemaal in te drukken. De leerkracht meldde dat de gedragskenmerken haar sterk deden denken aan pdd nos. Juf had er al meerdere keren wat van gezegd: “Doe het niet, hou er mee op enzovoorts. Het hielp niet. Paultje bleef het gewoon doen.
Jan kwam in gesprek met Paul en vroeg of hij een idee had hoe hij de klas uit kon lopen ZONDER de lichtknopjes in te drukken. Paul dacht een seconde na en zei toen: “Daarvoor moet je wel superman zijn!” Jan glimlachte en dacht even na. Toen vroeg hij: “O, kan superman dat wel? Wil jij eens voor doen hoe hij dat doet?” Paul antwoordde: “Dat kan ik niet, dan moet ik superman bij me hebben!” “Aha, ik begrijp het”, zei Jan en hij vroeg vervolgens: “En heb jij superman ook?” “Ja!” riep Paul enthousiast, “zal ik hem even halen?” “Doe maar”, zei Jan en Paul rende de klas uit. Toen Paul een minuut later terug was vroeg Jan: “Zeg Paul, wat zag ik nou? Jij liep daarnet de klas uit zonder de lichtknopjes in te drukken…. Hoe kreeg je dat voor elkaar?” Paul glimlachte van oor tot oor en hield triomfantelijk een kleine sleutelhanger met een supermanpoppetje eraan in de lucht. Aan het einde van het gesprekje liep Paul naar buiten. Langzaam liep hij langs de lichtknopjes. Toen hij er vlak naast stond keek hij naar Jan en hij hield zijn supermanpoppetje in de lucht. met een trotse blik liep hij verder zonder op de knopjes te drukken.
