Garry Kasparov die ik eerder aanhaalde (zie hier) schrijft in zijn nieuwe boek het volgende over vrijheid en veiligheid: “Mensen die een essentiële vorm van vrijheid zouden opgeven voor tijdelijke veiligheid, verdienen noch vrijheid noch veiligheid.” Verder zegt hij: “We verruilen onze vrijheden voor beloften van veiligheid en wanneer die veiligheid niet brengt wat is beloofd, horen we dat we toch niet genoeg vrijheid hebben opgegeven.” Deze uitspraken zetten tot nadenken. Ik ben er weliswaar voor dat er gewerkt blijft worden aan het verbeteren van de veiligheid (ik ben bijvoorbeeld een voorstander van preventief fouilleren onder bepaalde voorwaarden; zie hier) maar er schuilt een gevaar in het schetsen van een beeld door politici alsof er een rechtstreekse en eenvoudige trade off tussen veiligheid en vrijheid bestaat. Met andere woorden: stellen dat ieder extra stukje veiligheid ten koste zou moeten gaan van een even groot stuk onvrijheid (verlies aan privacy e.d.) is een verkeerde voorstelling van zaken geven. In plaats daarvan is het zo dat de veiligheid vaak kan worden bevorderd zonder dat de vrijheid en privacy van wie dan ook eronder hoeft te leiden. De uitdaging is om technologieën en aanpakken te bedenken dit dit voor elkaar krijgen. 

3 Reacties
Direkte democratie lijkt een minder slechte manier dan het huidige particratische bestel om een evenwicht te vinden tussen vrijheid en veiligheid:
http://democratie.nu/bibliotheek/artikels/tussen_controle_en_veiligheid.html
Juister en redelijker is het m.i. echter om het geweldsmonopolie van de staat zelf in vraag te stellen. Reeds in 1849 schreef de Belg Gustave de Molinari over hoe private productie van veiligheid mogelijk zou zijn: http://www.mises.org/story/2088
voor meer artikelen en boeken over rechtspraak en veiligheid zonder overheid, zie ook:
http://www.againstpolitics.com/polycentric_law/index.html
wie vrrijhied opgeeft voor veiligheid verdient geen van beiden


Vrijheid en veiligheid komen voort uit vertrouwen.Vrijheid en veiligheid worden bedreigd als er wantrouwen speelt.Wantrouwen zet verdedigingsmechanismen in werking om te overleven.Dat kan met geweld volgens het principe van het recht van de sterkste, worden aangepakt.Dat dat zelden een oplossing biedt, zien we zowel in de praktijk als in meninig communicatiemodel.De aanpak van Amerika in Irak laat dat weer haarfijn zien.Ook in het klein,bv in de klas zien we dat het slecht les geven is aan leerlingen die niet gemotiveerd zijn en gedwongen worden.Dwingen roept eerder weerstand op.Motiveren werkt veel beter,maar daar is wederzijds vertrouwen voor nodig.Juist in situaties waar machtsongelijkheid heerst,is het belangrijk dat die macht ingezet wordt voor het gemeenschappelijk belang.Daar ligt het verschil tussen leidinggevenden en leiders : aanvaard je de functie om jezelf omhoog te werken of om dienstbaar te zijn aan degenen die je leidt.
Helaas zit onze samenleving, vanuit het industriele tijdperk tijdperk,vol met hierarchieen in organisaties en politiek,die gericht zijn op de uitvoering van het productieproces.Daarmee is de machtsongelijkheid gefaciliteerd en lijkt zij functioneel.De praktijk laat zien dat deze machtsongelijkheid ook is doorgevoerd in het beleid en daarmee berooft is van een leercyclus.Terwijl juist in het beleid duidelijk moet worden of we die machtsongelijkheid acceptabel vinden en vooral of die machtsongelijkheid gebruikt mag worden bij conflicten.Willen we onze conflicten op basis van gelijkwaardigheid oplossen,vraagt dat om te luisteren naar de ander en de belangen en wensen van de ander serieus te nemen.Het vraagt aan de “machtigen” om hun macht op te geven en te vertrouwen dat ze meer kunnen winnen in gezamenlijk belang.Dat vraagt echter om het erkennen van de eigen onmacht ,dat kwetsbaar maakt. Dat vermogen is aan leiders.Vertrouwen vergroot veiligheid en vrijheid.En het borgen van ieders vrijheid en veiligheid in het geval van conflicten.Dat vraagt om het individuele belang te vertalen in het gemeenschapppelijk (hoger)belang.Dat onderstreept het belang van emotionele intelligentie bij betrokkenen.Mediation kan als methodiek daarin handvatten geven.Maar het begin ligt in de dialoog met elkaar of we het als SAMENleving acceptabel vinden dat mensen macht hebben (beslissen over anderen) zonder daar verantwoording over af te leggen of daar het gemeenschappelijk belang mee gediend is.Het gaat dan niet om technologieen maar om een leerproces vorm te geven waarin het dienstbaar maken van “macht” centraal staat.Een uitdagende klus!