Ook ik had natuurlijk gehoord over de bestseller van Dick Swaab, Wij zijn ons brein. De titel sprak mij niet zo aan omdat ik geloof, terwijl ik onderken dat het brein een enorm belangrijk orgaan is, dat hij niet klopt. Waarom ik de titel niet vind kloppen? Kijk bijvoorbeeld maar eens naar het boek The [...]
René Butter heeft een App gemaakt voor de Ipad met als naam The Research Inspirator. Deze App die in meerdere talen beschikbaar is, is bedoeld voor beginnend onderzoekers. De App geeft op een speelse manier inzicht in de verschillende onderzoeksmethoden die je onderzoeker tot je beschikking hebt en wat de voor- en nadelen van deze methoden zijn. De App heeft als bedoeling om beginnend onderzoekers aan te moedigen.
René Butter zegt: “Zie onderzoek niet als iets engs maar als een boeiende ontdekkingsreis.” De app is ontworpen als een ruimtereis naar onbekende bestemmingen. Deze bestemmingen gaan over principes, methoden, obstakels en valkuilen bij het doen van onderzoek. De app wijst je via links voor verdiepende artikelen naar Wikipedia.
Een sympathiek initiatief vanuit een mooie gedachte: zie onderzoek als een creatieve uitdaging!
In deze post noemde ik enkele vragen over bevlogenheid (work engagement). Nu zal ik enkele antwoorden geven over wat bevlogenheid is, wat het veroorzaakt en wat voor voordelen het oplevert.
1. Wat is bevlogenheid?
Bevlogenheid is een gemoedstoestand van voldoening van mensen in hun werk die gekenmerkt wordt door vitaliteit, toewijding en absorptie (ref). Vitaliteit gaat over energie, inspanning, volharding en veerkracht; toewijding gaat over betrokkenheid, een gevoel van betekenis, enthousiasme, inspiratie, trots en uitdaging; absorptie gaat over concentratie, een diepe belangstelling voor het werk, het gevoel dat tijd snel gaat en het moeilijk vinden om je los te maken van het werk.
2. Wat zijn de voordelen van betrokkenheid?
Bevlogenheid hangt samen met de creativiteit van werkers, hun bereidheid om collega’s te helpen, hun ‘organizational citizenship behaviors’ (ref; ref) en hun mentale gezondheid (ref). Ook zijn cliënten van bevlogen werkers doorgaan tevredener (ref).
3. Hoe stabiel is bevlogenheid?
Het is niet zo dat bevlogenheid eenvoudigweg een blijvende gemoedstoestand is van werkers. In plaats daarvan is het zo dat bevlogenheid fluctueert op een wekelijkse of zelfs dagelijks basis (ref; ref; ref).
4. Welke factoren beïnvloeden bevlogenheid?
Bevlogenheid wordt beïnvloed door zowel contextuele factoren, zoals sociale steun, feedback op het functioneren, invloed op het eigen werk (job control), taakvariatie, en leermogelijkheden (ref), dagelijkse fluctuaties in autonomie, coaching door leidinggevend, en teamsfeer (ref) en persoonlijke factoren zoals self-efficacy, organisatiegerelateerde zelfwaardering, volharding (ref), hoe uitgerust werkers naar het werk gaan (ref; ref) en hoe goed zij in staat zijn om te herstellen van stress gedurende de dag door pauzes te nemen (ref) en door positieve sociale, creatieve en sportieve ervaringen te hebben buiten het werk (ref).
Samenvattend:
Bevlogenheid is een gemoedstoestand van een werker die beïnvloed worden door contextuele en persoonlijke factoren en die veel voordelen heeft voor individuen en organisaties.
Vraag: welke kleine stap zou jij kunnen zetten om je eigen bevlogenheid te vergroten en die van de mensen met wie jij werkt?
Ik schreef recent al over het onderzoek van Eddie Brummelman en zijn collega’s. Kort gezegd gaat dat hier over: veel mensen hebben neiging om onzekere kinderen op te beuren en te motiveren door ze te vertellen hoe goed ze zijn. Dit werkt echter meestal averechts; de kinderen gaan zich er nog onzekerder door voelen.
Siska van der Steege stuurde me deze korte samenvatting van het onderzoek toe:
In antwoord op mijn bericht When children have low self esteem should you then give them person praise? vroeg David Winter: “Ken jij onderzoek naar de effecten van persoonsgerichte versus procesgerichte kritiek in plaats van complimenten? Mijn aanname zou zijn dat dat persoonsgerichte kritiek meer beschadigend zou zijn dan procesgerichte maar het zou fijn zijn om wat bewijs te hebben.”
Dat onderzoek is er inderdaad. Hier is het:
Person versus process praise and criticism: Implications for contingent self-worth and coping (Kamins & Dweck, 1999).
Samenvatting [Vertaling CV]: het lijkt wijs om te denken dat het prijzen van een kind in het algemeen of zijn of haar eigenschappen iets goeds is. Twee onderzoeken testten de hypothese dat zowel kritiek als complimenten die oordelen over de persoon of eigenschappen uitdrukten een boodschap van voorwaardelijk waarde uitzonden en daarop volgende coping ondermijnden. In onderzoek 1 deden 67 kinderen (leeftijden 5-6 jaar) rollenspeltaken die te maken hadden met een tegenslag en zij kregen 1 van 3 soorten kritiek na elke taak: persoonsgerichte, resultaatgerichte of procesgerichte kritiek. In onderzoek 2 deden 64 kinderen succesvolle rollenspeltaken en zij kregen persoonsgerichte, resultaatgerichte of procesgerichte complimenten. In beide onderzoeken werden zelfbeoordelingen, affect en volharding gemeten op een volgende taak die te maken had met tegenslag. De resultaten lieten zien dat kinderen significant meer hulpeloze reactie (inclusief zelfverwijt) vertoonden op alle afhankelijke variabelen na persoonsgerichte kritiek of complimenten dan na procesgerichte kritiek of complimenten. Persoonsgerichte feedback, zelfs wanneer deze positief is, kan dus kwetsbaarheid en een gevoel van voorwaardelijke eigenwaarde opleveren.
In dit bericht: Procescomplimenten effectiever dan eigenschapcomplimenten uit 2008 heb ik het verschil uitgelegd tussen persoonscomplimenten (of eigenschapscomplimenten) en procescomplimenten. In dat bericht kun je lezen dat het geven van persoonscomplimenten (die gaan over eigenschappen, kwaliteiten van de persoon) vaak goedbedoeld zijn maar onbedoelde negatieve effecten hebben. In het bijzonder wekken zij een fixed mindset op. Een fixed mindset is de overtuiging dat je als mens bepaalde eigenschappen en kwaliteiten hebt die maar weinig veranderbaar zijn. Procescomplimenten, die gaan over wat de persoon heeft gedaan, werken beter. Zij wekken een groeimindset op. Een groeimindset is de overtuiging dat mensen hun eigenschappen en kwaliteiten door inspanning kunnen veranderen.
Uit veel onderzoek is gebleken dat het hebben van een fixed mindset veel nadelen heeft vergeleken met het hebben van een groeimindset.. Zie voor uitleg hierover dit bericht: Een groeimindset hangt samen met uiteenlopende positieve uitkomsten (competentie, verbondenheid, leren, vitaliteit, aanpassing).
Een therapeut die mijn berichten had gelezen stuurde mij een email over mijn bovenstaande artikelen. In die e-mail schreef hij dat hij ten dele overtuigd was maar dat hij toch dacht dat persoonscomplimenten in bepaalde omstandigheden toch belangrijk en positief konden zijn, namelijk wanneer kinderen een lage dunk van zichzelf hadden. Ik heb hem toen geantwoord dat ik dacht ook bij kinderen met een lage zelfachting het beter was om geen persoonscomplimenten te geven. Ik had toen geen onderzoek om mijn argument te ondersteunen. Maar inmiddels wel.
Eddie Brummelman et al. (2013) onderzochten het effect van persoonscomplimenten en procescomplimenten op kinderen met een lage zelfwaardering. Hun conclusie is dat persoonscomplimenten bij deze kinderen averechts werken. Voor meer details over dit onderzoek kun je dit bericht lezen: Persoonscomplimenten werken averechts bij kinderen met een laag gevoel van eigenwaarde.
Een leergerichte training voor werkzoekenden is tweemaal zo effectief als een standaardtraining. Verder zijn re-integratieprofessionals die meer leergericht en minder prestatiegericht werken het meest effectief. ‘Ik wil leren om een baan te vinden’ werkt dan ook beter dan ‘ik wil een baan’. Dit stelt psychologe Gera Noordzij in haar proefschrift ‘Motiveren en begeleiden van mensen op zoek naar werk’ (‘Motivating and Counseling the Unemployed‘), dat zij donderdag 24 januari 2013 verdedigt aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Ondanks de miljoenen die worden besteed om werklozen weer aan het werk te krijgen is de effectiviteit van re-integratie trajecten vrij laag. Het doel van dit proefschrift was om inzicht te krijgen in het verhogen van de effectiviteit van re-integratie. Dit is gedaan door het ontwikkelen en onderzoeken van een leergerichte training voor werkzoekenden en na te gaan welke gedragingen van re-integratie professionals (in)effectief zijn in het re-integratie proces.
Via LievenVanlangenaeker (@LGestalt) kwam ik op het spoor van dit artikel in De Standaard: Mensen blijven van karakter veranderen. Het artikel beschrijft onderzoek van een team van psychologen onder leiding van Jordi Quoidbach van de universiteit van Luik in België Het onderzoek laat zien dat mensen vaak ten onrechte denken dat ze op latere leeftijd niet meer van karakter zullen veranderen. Mensen blijken wel degelijk te blijven veranderen gedurende hun leven, zowel wat betreft hun voorkeuren als hun gedragingen. Dit verklaart waarom mensen soms beslissingen die ze vroeger hebben genomen sterk betreuren (“had ik die tatoeage maar niet laten zetten”, “had ik mijn opleiding maar afgemaakt!”).
Ondanks dat mensen zich wel bewust zijn van hoeveel zij in het verleden zijn veranderd denken zij vaak dat ze in de toekomst niet meer erg zullen veranderen. Ze zijn geneigd het heden te zien als een het keerpunt (of een eindpunt) waarop ze de persoon zijn geworden die ze de rest van hun leven zullen.
Recent nam ik een enquête af over hoe mensen denken over en omgaan met veranderen. De enquête, die werd ingevuld door 96 mensen, bestond uit de volgende onderdelen: 1) Hoe denk jij dat mensen succesvol kunnen veranderen? , 2) Hoe ga jij zelf meestal om met verandering? , 3 Hoe zie jij je jezelf en je omstandigheden? Het onderzoek had als doel om te verkennen in hoeverre iemands denkwijze over verandering en iemands verandergedrag samenhangt met verschillende aspecten van menselijk floreren. De globale verwachting was dat de testen-en-leren aanpak positief zou samenhangen met de mate van floreren van de respondenten.
Norihiro Sadato en zijn collega’s hebben een experiment gedaan dat laat zien dat mensen die oefeningen doen beter blijken te gaan presteren nadat een andere persoon hen gecomplimenteerd heeft. Hier is een beschrijving van dat experiment:
Aan vierentachtig volwassenen die voor de studie geworven waren werd gevraagd om een specifiek vinger patroon (in 30 seconden toetsen zo snel mogelijk in een bepaalde volgorde indrukken op een toetsenbord) te leren en uit te voeren. Toen de deelnemers hun oefening geleerd hadden werden ze in drie groepen verdeeld. Een groep bevatte een beoordelaar die deelnemers individueel complimenteerde een andere groep had individuen die keken naar een andere deelnemer die een compliment kreeg en de derde groep bestond uit individuen die hun eigen prestatie beoordelen op een grafiek. Toen de deelnemers de volgende dag gevraagd werden om de oefening te herhalen presteerden de deelnemers uit de groep die directe complimenten hadden ontvangen beter dan deelnemers uit de andere groepen. Dit is een aanwijzing dat het ontvangen van een compliment na te hebben geoefend individuen stimuleert om naderhand beter te presteren.
Op deze site blogt Coert Visser over de toepassing van de oplossingsgerichte benadering in organisaties.
Laatste reacties
Inderdaad Ed heeft de eerste stap gezet naar een betere vergadercultuur, maar hij is …
reactie op: Medewerkers betrekken bij het verbeteren van de vergaderingenComplimenten voor Ed.Hij heeft zich kwetsbaar op durven stellen. Als leidinggevende w…
reactie op: Medewerkers betrekken bij het verbeteren van de vergaderingenWanneer is een gesprek 'effectief'? Wanneer men het eens is of probeert te zijn? Of w…
reactie op: Zonder wrijving geen glans? Welnee.