Hoe stereotypen ons raken en wat we er aan kunnen doen

In het boek Whistling Vivaldi: And Other Clues to How Stereotypes Affect Us beschrijft sociaal psycholoog Claude Steele het werk dat hij en zijn collega’s hebben gedaan met betrekking tot het fenomeen stereotype threat.

Stereotype threat gaat over de neiging om negatieve stereotypen over je sociale categorie te verwachten, waar te nemen en door te worden beïnvloed.

Kort gezegd werkt stereotype threat als volgt. Je kent je groepsidentiteit en je weet hoe de maatschappij jouw groep ziet. Je bent je ervan bewust dat je een taak aan het doen bent waarvoor het stereotype dat men over jouw groep heeft, relevant is. Je weet, op een zeker niveau, dat je je in een hachelijk situatie bevindt: je prestatie zou een negatieve kijk op jouw groep en op jou, als lid van deze groep, kunnen bevestigen. Misschien voel je je niet bewust angstig maar je bloeddruk stijgt en je begint te zweten. Je manier van denken verandert. Je brein slaat op hol: Je wordt waakzaam voor alle dingen die relevant zijn voor de bedreiging en voor wat je kansen zijn om deze bedreiging te ontlopen. Je begint een beetje aan jezelf te twijfelen en je vraagt je af hoe terecht de stereotyperingen zijn. Je begint continu te monitoren hoe goed je het doet. Je probeert hard om bedreigende gedachten te onderdrukken over slecht presteren of over de consequentie van falen. Terwijl je deze gedachten hebt ben je afgeleid van je taak en je concentratie en werkgeheugen worden aangetast.
Gebeuren deze negatieve altijd? Nee. Er is een voorwaarde voor de negatieve effecten van stereotype threat:  de persoon in kwestie moet geven om de betreffende prestatie.  Dat is wat het vooruitzicht om het negatieve stereotype te bevestigen naar genoeg maakt om je preseteren te verstoren.
Kan er iets aan gedaan worden? Ja. het hoopvolle nieuws is dat er een aantal vaak kleine interventies is die veel kunnen helpen. Eperimenten hebben laten zien dat het op subtiele wijze verwijderen of voorkomen van stereotype threats er toe kan leiden dat prestatieverschillen tussen gestereotypeerde groepen en niet gestereotypeerde groepen deels of geheel wegvalt.

Een aantal voorbeelden van interventies van interventies die kunnen helpen om de negatieve consequenties van stereotype threat te voorkomen zijn: 1) maak duidelijk in manier waarop je kritische feedback geeft dat je hoge standaards hanteert en dat je verwacht dat de persoon aan de verwachtingen zal kunnen gaan voldoen, 2) verhoog het aantal mensen uit de sociale groep in de setting zodat een kritische massa ontstaat en de leden uit de groep zich veiliger voelen, 3) maak duidelijk dat je diversiteit waardeert, 4) stimuleer intergroep conversaties en kader deze in als leerervaringen, 5) sta de gestereotypeerde individuen toe om zelf-bevestiging toe te passen, 6) help de gestereotypeerde individuen om een narratief te ontwikkelen dat hun frustraties uitleg terwijl het tegelijk een uitzicht op positieve betrokkenheid en succes in de relevante context projecteert.

Lees meer:
De experimenten die beschreven zijn in de volgende post laten zien hoe dramatisch de effecten van stereotype threat kunnen zijn: 5 Experiments that make you think. Drie andere berichten die mogelijk de moeite waard zijn om te bekijken zijn: Stereotype vulnerability research: bridging social and ethnical performance gaps, Wise Feedback en Women, math, and stereotype threat.

Plaatsen/stemmen op NUjij Plaats/Stem op NUjij.nl

Motivational impact of third-person perspective positive behavioral representations

On BPS Research Digest is an interesting article on the power of visualization. (Thanks Jim Mortensen for pointing me to it). It explains there are two ways of visualizing yourself being successful at something: from a first-person perspective as in real-life, or from an external perspective, as an observer might see you. Researchers Lisa Libby and colleagues have demonstrated that it’s this latter, third-person perspective that is far more effective in raising the likelihood we will go on to perform a desired behaviour. “The researchers said these findings extend prior work showing that we tend to interpret other people’s actions as saying something about them, whereas we interpret our own actions as saying more about the situation we’re in. So, when we picture ourselves acting in the third-person, we see ourselves as an observer would, as the ‘kind of person’ who performs that behaviour. “Seeing oneself as the type of person who would engage in a desired behaviour increases the likelihood of engaging in that behaviour”, the researchers said.”
One of the most important parts of the solution-focused approach is to help client create positive behavior descriptions, concrete visualizations of how they will act in the desired future. Evidence shows that once a positive behavior description is made the execution of that behavior will automatically be prepared. Previous research by Noelia Vasquez and Roger Buehler has also shown that using perspective changes in describing future success can be very helpful. This research by Lisa Libby and her team seems to confirm the motivational impact of making third person perspective positive behavior representations. For solution-focused practice, the relevance seems to be: invite clients to decribe from a third peson perspective how they will act in the desired future.
Plaatsen/stemmen op NUjij Plaats/Stem op NUjij.nl

Motivational impact of third-person perspective positive behavioral representations

On BPS Research Digest is an interesting article on the power of visualization. (Thanks Jim Mortensen for pointing me to it). It explains there are two ways of visualizing yourself being successful at something: from a first-person perspective as in real-life, or from an external perspective, as an observer might see you. Researchers Lisa Libby and colleagues have demonstrated that it’s this latter, third-person perspective that is far more effective in raising the likelihood we will go on to perform a desired behaviour. “The researchers said these findings extend prior work showing that we tend to interpret other people’s actions as saying something about them, whereas we interpret our own actions as saying more about the situation we’re in. So, when we picture ourselves acting in the third-person, we see ourselves as an observer would, as the ‘kind of person’ who performs that behaviour. “Seeing oneself as the type of person who would engage in a desired behaviour increases the likelihood of engaging in that behaviour”, the researchers said.”
One of the most important parts of the solution-focused approach is to help client create positive behavior descriptions, concrete visualizations of how they will act in the desired future. Evidence shows that once a positive behavior description is made the execution of that behavior will automatically be prepared. Previous research by Noelia Vasquez and Roger Buehler has also snown that using perspective changes in describing future success can be very helpful. This research by Lisa Libby and her team seems to confirm the motivational impact of making third person perspective positive behavior representations. For solution-focused practice the relevance seems to be: invite clients to to describe from a third peson perspective how they will act in the desired future.
Plaatsen/stemmen op NUjij Plaats/Stem op NUjij.nl

Hoe effectief is dreigen?

Een tijdje geleden ago stelde ik deze vraag: What research is there on how to lead people effectively? Ik kreeg een paar antwoorden maar ik zou graag nog veel meer antwoorden krijgen op deze vraag. In de tussentijd begin ik te vermoeden dat er niet zo gek veel research is op dit gebied. Maar goed, er is wel wat. In het boek 59 Seconds: Think a Little, Change a Lot door Richard kwam ik een beschrijving tegen van onderzoek van Jonathan Freedman. Het betreft oud onderzoek, gepubliceerd in 1965 (Journal of Experimental Social Psychology. Vol 1(2), 1965, 145-155.) en het is uitgevoerd bij kinderen, dus niet bepaald in een organisatiesetting. Maar het onderzoek impliceert wel wat interessants voor leidinggeven. Freedman onderzoekt de vraag wat de effecten van driegementen aan kinderen zijn wanneer je wilt dat ze iets niet doen (niet aan dat speelgoed komen, want anders….!) . Hier is een samenvatting van die publicatie:
Long-term behavioral effects of cognitive dissonance.
To investigate whether or not the arousal of cognitive dissonance can produce long-term behavioral effects, children were told not to play with a very desirable toy under high or low threat, and were left alone with the toy. Those who did not play with it were given a 2nd opportunity to play with the toy several weeks later, with the original threat removed. The prediction was that those subjects who had resisted temptation under mild threat would be less likely to play with the toy in this 2nd session than would those who had resisted under severe threat. The results supported this prediction.

Richard Wiseman vat de conclusies als volgt samen:

“Dreigementen werken goed op de korte termijn maar kunnen feitelijk contraproductief werken op de langere termijn. Door te wijzen op alle vreselijke dingen die kunnen gebeuren als je kind iets doet, kan het zijn dat je de activiteit meer aantrekkelijk maakt voor in hun beleving.”

Reacties zijn welkom..
Plaatsen/stemmen op NUjij Plaats/Stem op NUjij.nl

Bewijs voor het motiverende effect van de perspectiefwisselingsvraag

In mijn blogbericht Perspective change beschreef ik een eenvoudige manier om cliënten te helpen om hun gewenste toekomst te visualiseren vanuit een derde-persoonsperspectief. Met deze techniek vraag je in essentie:  “Hoe zullen andere mensen merken dat dingen beter zijn geworden?” Een voorbeeld: “How zal de klant merken dat onze servicegerichtheid beter zal zijn geworden?” Mijn ervaring is dat dit soort vraag, die ik de perspectiefwisselingsvraag heb genoemd, cliënten helpt  een breder perspectief te krijgen op hen zelf en op hun situatie zodat ze duidelijkere doelen kunnen ontwikkelen.
Nu ben ik onderzoek tegengekomen dat het nut van de perspectiefwisselingsvraag bevestigt. Noelia Vasquez en Roger Buehler Hebben ontdekt dat het mensen zich meer gemotiveerd voelen om te slagen in een taak wanneer ze de voltooiing van die taak vanuit een derde persoonsperspectief hebben gevisualiseerd dan vanuit een eerste persoonsperspectief. Het derde-persoonperspectief helpt hen namelijk om meer zich te krijgen op de bredere betekenis het grotere belang van de taak. Hier is het artikel: Seeing Future Success: Does Imagery Perspective Influence Achievement Motivation?
Plaatsen/stemmen op NUjij Plaats/Stem op NUjij.nl

Obama en stereotypen

When Barack Obama got elected I wondered how it might affect stereotypes and vulnerability to stereotypes. Stereotypes, and the feeling of being stereotyped, can have some strong effects on performance. Lees verder
Plaatsen/stemmen op NUjij Plaats/Stem op NUjij.nl

Gebroken raam theorie

Een interessant bericht op BPS research digest over nieuw onderzoek van Kees Keizer en collega’s dat een bevestiging levert voor de zogenaamde Broken Window theory of crime reduction, die beschreven werd in Malcolm Gladwells boek The Tipping Point (Het omslagpunt). Kortgezegd zegt die therorie het volgende: Tekenen van klein asociaal gedrag hebben een sterk effect op de neiging van mensen om basale regels te overtreden en zelfs om te stelen. Ernstige misdaad kan worden beperkt door het terugbrengen van kleine overtredingen zoals rommel op straat gooien en graffiti. Lees het artikel hier.

Lees ook: Een eenvoudigere weg naar veiligheid (1) en Een eenvoudigere weg naar veiligheid (2)

Plaatsen/stemmen op NUjij Plaats/Stem op NUjij.nl

Geluk als collectief fenomeen

Hier is een artikel dat een network science perspectief op geluk biedt: Happiness is a collective – not just individual – phenomenon. Hier zijn enkele van de bevindingen uit dat artikel:

The researchers found that happiness spreads through social networks. One person’s happiness triggers a chain reaction that benefits not only their friends, but their friends’ friends, and their friends’ friends’ friends. The effect lasts for up to one year. The opposite is not the case: sadness does not spread through social networks as robustly as happiness. Happiness appears to love company more so than misery. They also found that popularity leads to happiness. People in the center of their network clusters are the most likely people to become happy. However, becoming happy does not help migrate a person from the network fringe to the center. Happiness spreads through the network without altering its structure.

Plaatsen/stemmen op NUjij Plaats/Stem op NUjij.nl

Micro-analyse van oplossingsgerichte gesprekken

Herplaatsing van een bericht van een bericht van 11 september 2007 

positiveandnegativeexpressions.jpgChristine Tomori en Janet Beavin Bavelas, twee Amerikaanse onderzoekers, hebben een micro-analyse uitgevoerd van vier gesprekken van vooraanstaande therapeuten, de client-centered therapeuten Carl Rogers, en Nathaniel Raskin en oplossingsgerichte therapeuten Steve de Shazer en Insoo Kim Berg. Micro-analyse is een interessante vorm van onderzoek want het concentreert zich niet op de theorieën die ten grondslag aan de therapieën of de uitgangspunten die daarbij gehanteerd worden maar op wat de beoefenaars zich feitelijk doen in hun gesprekken (klik op het plaatje linksboven). Eén van de sfandcc.jpgdingen die Tomori en Bavelas vergeleken is het voorkomen van negatieve en positieve uitingen in de gesprekken van de vier therapeuten. Ze vonden dat de oplossingsgerichte therapeuten veel meer positieve en veel minder negatieve uitingen in hun gesprekken doen. (zie het plaatje rechts).

Dit doet sterk denken aan de research die gedaan is over de positief-negatief ratio in het afgelopen decennium: “Over the past decade, scientists have explored the impact of positive-to-negative interaction ratios in our work and personal life. They have found that this ratio can be used to predict-with remarkable accuracy-everything from workplace performance to divorce. This work began with noted psychologist John Gottman’s exploration of positive-to-negative ratios in marriages. Using a 5:1 ratio, which Gottman dubbed “the magic ratio,” he and his colleagues predicted whether 700 newlywed couples would stay together or divorce by scoring their positive and negative interactions in one 15-minute conversation between each husband and wife. Ten years later, the follow-up revealed that they had predicted divorce with 94 percent accuracy. ” (bron)

Het complete artikel van Christine Tomori en Janet Beavin Bavelas vind je hier.

Lees ook: De effectiviteit van oplossingsgericht werken en cliëntgeleide contractering bij coaching en advisering: lessen uit de psychotherapie

Plaatsen/stemmen op NUjij Plaats/Stem op NUjij.nl

Laatste reacties

eventbuzz

FREE Workshop: Effective Business Communication

Workshop | One Frequency

Improve your communication Achieve great results at work Clear and effective communication can produce great results and have an incredible impact on your career. But bad communication can be...

ManagementSite Netwerk

Redactie