Nieuw licht op de oorsprong van de schaalvraag – ‘The Cantril Self-Anchoring Striving Scale

In oplossingsgerichte kringen wordt vaak aangenomen dat de schaalvraag voor het eerst ontwikkeld werd in het Brief Family Therapy Center van Steve de Shazer, Insoo Kim berg en hun collega’s. Maar Michael Klingenstierna Hjerth noemde iets interessant op zijn Facebook pagina dat een nieuw licht werpt op het ontstaan van de schaalvraag. Hij citeert een artikel van de Gallup organisatie dat uitlegd dat een interventie met de naam ‘The Cantril Self-Anchoring Striving Scale’ (Cantril, 1965) al wordt gebruikt sinds de jaren 60 en dat dit een favoriete interventie is van Daniel Kahneman. Michael zegt: “goede ideeën worden soms onafhankelijk van elkaar ontdekt en het bestuderen en leren van verschillende versies van een idee is een goede oefening.”

Mijn vraag: is er iemand die dit leest die toegang heeft tot de oorsponkelijke publicatie van Cantril? de volledige referentie is: Cantril, H. (1965). The pattern of human concerns. New Brunswick, NJ: Rutgers University Press.

Ik zou heel graag de precieze beschrijving van Cantril in deze publicatie lezen.

Plaatsen/stemmen op NUjij Plaats/Stem op NUjij.nl

Kun je iemand oplossingsgericht coachen die de aanpak al kent?

In reactie op de vorige vraag kwam nog een vraag binnen: “Kun je een persoon oplossingsgericht helpen die de oplossingsgerichte aanpak zelf al kent?”  Mijn ervaring is: ja, dat kan! Drie gedachten schieten me te binnen:

  1. De meeste mensen die oplossingsgericht werken kennen, zullen er vermoedelijk al positieve ervaringen mee hebben wat er waarschijnlijk toe zal bijdragen ze welwillend zijn om het te proberen.
  2. Mensen die oplossingsgericht werken kennen zullen het waarschijnlijk zelf al gebruiken om hun eigen problemen op te lossen (zelfcoaching). Wanneer je zulke mensen help, zal het waarschijnlijk zo zijn dat ze zullen helpen om de juiste vragen te stellen.
  3. Als ze iets zeggen in de trand van: “Of, die vraag ken ik, dat is de schaalvraag!” dan is het waarschijnlijk verstandig om te reageren met een reactie als: “Aha, die ken je al! Denk je dat het nuttig is om die vraag eens uit te proberen? Als ze het ermee eens zijn, ga je gang. Zijn ze het er niet mee eens, bespreek dan samen wat nuttiger zou zijn om te bespreken.

Stanus Cloethe, een oplossingsgericht coach uit Zuid Afrika, die dit las, voegde het volgende toe: “Zelfs ik ervaar iets anders als iemand me door het oplossingsgerichte proces leidt. Het helpt me om een ander perspectief te vinden.”

Plaatsen/stemmen op NUjij Plaats/Stem op NUjij.nl

De Cliëntverwachtingen Schaal

Henri Haarmans stuurde me een email over hoe hij schaalvragen gebruikt in het managen van IT projecten:

“Ik gebruik de techniek heel vaak tijdens  IT projecten. In een IT-project is het erg belangrijk dat iedere deelnemer de verwachtingen van de klant heel goed begrijpt. De schaalvraag helpt mij om uit te vinden hoe helder de verwachtingen van gebruikers zijn, welke informatie ontbreekt en wie de deelnemer kan helpen de informatie te vinden. Meestal begint een workshop met een presentatie van de klant. In zijn presentatie geeft hij een overzicht van al zijn wensen. Na vragen van IT mensen en meestal enige discussie vraag ik de IT mensen om hun kennis over de wens van de klant te beschrijven op een schaal van 1 tot 10. De volgende vraag is waarom ze zichzelf die score geven en wat de reden is dat de score niet lager is of welke kennis ze nodig hebben om zichzelf een hogere score te geven. Als de IT-vertegenwoordigers hebben uitgelegd welke kennis ze verder nodig hebben vraag ik aan de businessvertegenwoordigers wie kan helpen bij de kennisverbreding. Vanaf dat moment kan ik achterover gaan zitten. Na afloop van de workshop herhaal ik altijd de schaalvraag omdat dat mij informatie geeft over hoe nuttig workshop is geweest.
Plaatsen/stemmen op NUjij Plaats/Stem op NUjij.nl

4 stappen schaal

Bij Oplossingsgerichte Schaalvragen is het belangrijk om effectieve schaalankers te gebruiken.  Schalen werken vaak het beste als de 10-positie niet zo zeer in ideale termen wordt omschreven (de ideale toekomst) maar in plaats daarvan in termen van een situatie die goed genoeg is (de gewenste situatie). Het definiëren van de 10-positie wordt ontraden om twee redenen. De eerste reden is dat de ideale situatie er een is die nooit bereikt zal worden. Probleemloze, ideale situaties komen niet voor. Er zijn altijd problemen, uitdagingen, spanningen en dergelijke, die horen bij het leven. Het is dus niet realistisch om de 10 als ideaal te definiëren. De tweede reden is dat het definiëren van de 10 als ideaal er toe leidt dat de cliënt zijn huidige situatie lager zal inschatten. Bij een 10 die u definieert als ideale situatie scoort de cliënt zichzelf misschien op een 2, terwijl hij bij een 10 die gedefinieerd is als de situatie waar u tevreden over zou zijn misschien wel een score 4 of 5 zou geven. Kortom, het te rooskleurig definiëren van de 10-positie kan demotiverend werken.
Riccardo Benardon en Marco Matera (zie foto’s) hebben een interessante structuur bedacht om schalen te gebruiken die verhindert dat coaches en cliënten te idealistische doelen stellen. Omdat de 10 positie vaak moeilijk te bereiken is tijdens de coaching werken Riccardo en Marco met een 4 stappen schaal. Riccardo heeft hem me uitgelegd en hij ziet er als volgt uit:
1- voor het begin van de coaching
2- dit moment
3- het einde van de coaching
4- de gewenste situatie die ooit (later) zal worden bereikt

Interessant, nietwaar?

Doen wat werkt

Plaatsen/stemmen op NUjij Plaats/Stem op NUjij.nl

De zelf-verder-kunnen schaal

De schaalvraag, die door Steve de Shazer werd bedacht, is waarschijnlijk de meest populaire oplossingsgerichte techniek. Dit artikel legt de basisstappen uit bij het werken met schaalvragen: Schalen: praktisch hulpmiddel bij verandering. Het beschrijft ook vier belangrijke toepassingen van schaalvragen: 1) de successchaal, 2) de motivatieschaal, 3) de zelfvertrouwenschaal, en 4) de zelfstandigheidsschaal. Hier is een videovoorbeeld van het gebruik van de schaalvraag. 
Hier is een voorbeeld van de zelfstandigheidsschaal, een toepassing die heel nuttig kan zijn maar die bij vrij veel oplossingsgerichte professionals nog niet bekend is. De zelfstandigheidsschaal wordt vaak gebruikt in situaties waarin de cliënt een of ander besluitvormingsvraagstuk heeft, bijvoorbeeld een dilemma of een carrierekeuze. Het effect van de zelfstandigheidsschaal is vaak dat het de onafhankelijkheid van de cliënt versterkt in het proces van veranderen. Hier is een voorbeeld van hoe de zelfstandigheidsschaalvraag kan worden geformuleerd.

Stel je eens een schaal voor van 0 tot 10 waarbij 10 staat voor ‘Ik weet hoe ik zelf verder kan met dit vraagstuk en ik heb daar geen hulp meer bij nodig’, en o staat voor ‘Ik heb geen idee hoe ik dit alleen moet aanpakken en ik heb hulp nodig’. Waar sta je nu op deze schaal?

Zoals uit deze formulering blijkt zou een goede naam voor dit soort schaal ook zijn: de zelf-verder-kunnen schaal. Het voordeel van deze schaal is dat de coaching of therapie niet langer hoeft te duren dan nodig. Terwijl het probleem misschien nog niet helemaal is opgelost of het doel nog niet helemaal bereikt, hoeft dit niet per se te betekenen dat de coaching of therapie moet doorgaan. De cliënt kan er zelf mee verder.
Plaatsen/stemmen op NUjij Plaats/Stem op NUjij.nl

Een uitdagende vergadercase

Toen ik eind vorig jaar de basistraining oplossingsgericht werken in organisaties, gegeven door Coert Visser en Gwenda Schlundt Bodien, volgde kon ik al in de tweede week van de cursus aan de slag met een aantal bijzondere aspecten van het oplossingsgericht werken. Al geruime tijd speelde het in mijn gedachte om te proberen de vergadercultuur op mijn werkplek van een andere kant te benaderen. Niet meer probleemgericht maar oplossingsgericht! Dit gevoel werd steeds krachtiger toen ik deze signalen ook van collega ’s kreeg en in een stil half uurtje eens de notulenmap van de afgelopen twee jaar vergaderen door las.

Dat was nogal confronterend in die zin dat de notulen precies weergaven wat ik hoorde en zelf mee maakte, namelijk dat zaken soms moeizaam of niet veranderen en dat het goed kan zijn om een proces eens anders te gaan benaderen. Kort gezegd zag ik maanden lang dezelfde punten die we graag zouden willen bereiken in een probleemgerichte context terugkeren. Samen met een collega die ook met een cursus oplossingsgericht werken bezig is, zijn we gaan brainstormen. Na enig denkwerk hebben we besloten om de vergadercase tijdens een intervisie bijeenkomst te gaan presenteren.

Omdat de oplossingsgerichte methode nog niet goed bekend is binnen mijn organisatie en om helderheid en consensus van het management te verkrijgen hebben we ons idee aan de directe leidinggevende voorgelegd. Deze was snel akkoord na aanhoren van ons idee. Eigenlijk meer onder het motto ‘baat het niet dan schaad het niet’; bovendien kostte het geen extra tijd omdat we er de intervisie tijd voor gebruikten.

De intervisiebijeenkomst hebben we goed voorbereid, dat was iets wat ook in de cursus duidelijk aan bod kwam en erg goed werkt. Voorbereiden duurde niet eens zo lang maar je hebt er zoveel profijt van. De tijd die we hadden was ongeveer twee uur inclusief een pauze. Na start van de middag waarin de opkomst goed was zijn we begonnen met een sprankelend moment. Eigenlijk precies wat in de basis cursus beschreven is, namelijk elkaar vertellen over een voldoening schenkend moment op het werk in de afgelopen weken. Diegene die luistert naar het verhaal moedigt aan en vraagt nieuwsgierig door tot hij/zij de situatie voor zich ziet. (Coert Visser en Gwenda Schlundt Bodien).

Soms start een intervisie bijeenkomst bij ons enigszins onwennig (collega’s moeten even “er in” komen) maar het benoemen van een voldoening schenkend moment helpt om de onwennigheid of aarzelende start te overwinnen. Iedereen reageerde positief en had ook een voldoening schenkend moment. Het was voor ons wel wat onwennig om dit binnen het team te doen waarin jezelf werkzaam bent. Het resultaat was wel dat er meer ontspanning ontstond en meer betrokkenheid opgang kwam. Precies wat de bedoeling was.

Daarna zijn we doorgegaan met het onderwerp vergaderen en besluitvorming. We hebben de cirkel techniek gebruikt om in kaart te brengen waar we als team staan en hoe we vergaderen beleven. Op een grote flyer aan de wand hebben mijn collega en ik opgeschreven wat we al bereikt hebben,wat goed gaat en wat we behouden willen. In de buitenste cirkel omschrijven we punten die willen bereiken met elkaar. Na een inventarisatie door het team werd omschreven dat iedereen de betrokkenheid/collegialiteit naar elkaar toe behouden wil en de beroepsmatige professionaliteit wil behouden (er is veel vakkennis). Ook wil iedereen de humor die ook tijdens vergaderingen aanwezig is behouden, alleen al om ook te kunnen relativeren. Al deze zaken staan in de binnenste cirkel.

Zaken omschreven in de buitenste cirkel zijn, en te bereiken resultaten: 1) een goede agenda (vergaderstructuur) waardoor we op tijd beginnen en op tijd eindigen, 2) Alleen afwezig zijn tijdens vergaderingen met kennisgeving, 3) Aanspreken op elkaars verantwoordelijkheid, 4) Wisselend voorzitterschap zodat bepaalde taken steeds door wisselde personen vervuld worden. Door deze wisseling ontstaat er een gedeelde verantwoordelijkheid, 5) Besluitvorming genomen tijdens een vergadering is bindend.

We spreken verder af de structuur van vergaderen: Opening, mededelingen,notulen,inhoudelijk deel en de evaluatieronde. Dit was ook al aanwezig maar we hebben gezamenlijk het belang van het naleven van deze opzet benadrukt. In de evaluatieronde komt het vergaderproces kort aan bod. We stellen ons de vraag wat is goed gegaan en wat doen we de volgende keer anders als voorzitter en als deelnemer. Zodat de vergadering de volgende keer nog effectiever verloopt. Iedereen vond het prettig om te lezen wat er al goed gaat. Er ontstaat een actieve rol van de individuele teamleden over hoe zij de ideale vergadersituatie zien.

Mijn taak gedurende het proces was om de woorden die in de cirkels komen te staan zo veel mogelijk te vertalen in termen van concrete positieve resultaten (Paden naar Oplossingen C. Visser en Gwenda Schlundt Bodien). Door feedback van collega’s werd duidelijk dat de manier van benaderen van deze vergadercase iedereen het gevoel gegeven had dat er veel zaken goed gaan. Opvallend was ook het resultaat we hadden nooit durven denken dat deze middag (twee uur) zoveel zou kunnen opleveren. Vandaar uit kijken naar verandering maakt het denken minder vermoeid we zijn niet meer aan het probleem denken maar werken aan constructieve oplossingen.

De terugkoppeling naar de directe leidinggevende was bijzonder te noemen. Zoveel concreet resultaat in een betrekkelijk korte tijd vond hij heel opvallend. Dit was hij niet gewend.

We zijn nu een kleine 7 weken verder en de eerste vergaderingen in het nieuwe jaar zitten er weer op. De oplossingsgerichte insteek is duidelijk merkbaar, we zijn serieus aan de slag gegaan met behoud van humor maar wel conform de afspraken die we gemaakt hebben. Bijzonder is om op te merken dat de nuttigvraag ook voorzichtig zijn intrede gedaan heeft! Zelfs een leidinggevende die zich eerder sceptisch over het oplossingsgerichte model uitliet gebruikt deze nuttig vraag nu.

Toen hij dat laatst deed tijdens een moeizaam verlopend gesprek met een cliënt en ik hem na afloop hierover complimenteerde gaf hij aan deze vorm van feedback en nabespreken prettig te vinden. Het bovenstaande zal zeker een vervolg krijgen hierover zijn we ook al aan het brainstormen. Voor mijn collega en ik was dit de eerste case die we geprobeerd hebben te vertalen naar oplossingsgerichte interventies.

Best wel spannend maar erg leuk en leerzaam om te doen.

Plaatsen/stemmen op NUjij Plaats/Stem op NUjij.nl

De schaalvraag

Paden naar oplossingen de kracht van oplossingsgericht werken Coert Visser Gwenda Schlundt Bodien (2)Uit Paden naar oplossingen

De techniek van schaalvragen ontstond min of meer toevallig toen een cliënt in een tweede sessie bij Steve de Shazer antwoordde op diens vraag hoe het ging: “Ik sta nu al bijna op een 10!” De Shazer begon te spelen met het gebruiken van cijfers en al doende ontwikkelde zich de schaalvraag . Bij de schaalvraag vraagt de coach aan de coachee om zich een schaal van 0 tot 10 voor te stellen waarbij 10 staat voor de situatie waarin het is geworden zoals de coachee wil dat het wordt en 0 voor de situatie waarin er nog niets gerealiseerd is van de gewenste situatie. Vervolgens stelt de coach volgens een min of meer vaststaand patroon een reeks vervolgvragen aan de coachee. Eerst vraagt de coach op welke positie de coachee nu staat. Vervolgens vraagt de coach aan de coachee het al gelukt is om van 0 tot de huidige positie te komen en wat daarbij vooral goed geholpen heeft. Daarna vraagt de coach wanneer de coachee al eens hoger heeft gestaan op de schaal en hoe dat toen gelukt is. Ook kan de coach vragen hoe een hogere positie op de schaal eruit zou zien. Al dit soort vragen mondt doorgaans uit in de vraag welke stapje vooruit de coachee wil zetten. Het plaatje op de hieronder verbeeldt het gebruik van schalen (click om te vergroten).

schalen-paden-naar-oplossingen-coert-visser-en-gwenda-schlundt-bodien-noam.png

Lees ook: Schaalvragen: 3 wetenswaardigheden

Plaatsen/stemmen op NUjij Plaats/Stem op NUjij.nl

De schaalvraag

paden-naar-oplossingen.pngUit Paden naar oplossingen

De techniek van schaalvragen ontstond min of meer toevallig toen een cliënt in een tweede sessie bij Steve de Shazer antwoordde op diens vraag hoe het ging: “Ik sta nu al bijna op een 10!” De Shazer begon te spelen met het gebruiken van cijfers en al doende ontwikkelde zich de schaalvraag . Bij de schaalvraag vraagt de coach aan de coachee om zich een schaal van 0 tot 10 voor te stellen waarbij 10 staat voor de situatie waarin het is geworden zoals de coachee wil dat het wordt en 0 voor de situatie waarin er nog niets gerealiseerd is van de gewenste situatie. Vervolgens stelt de coach volgens een min of meer vaststaand patroon een reeks vervolgvragen aan de coachee. Eerst vraagt de coach op welke positie de coachee nu staat. Vervolgens vraagt de coach aan de coachee het al gelukt is om van 0 tot de huidige positie te komen en wat daarbij vooral goed geholpen heeft. Daarna vraagt de coach wanneer de coachee al eens hoger heeft gestaan op de schaal en hoe dat toen gelukt is. Ook kan de coach vragen hoe een hogere positie op de schaal eruit zou zien. Al dit soort vragen mondt doorgaans uit in de vraag welke stapje vooruit de coachee wil zetten. Het plaatje op de hieronder verbeeldt het gebruik van schalen (click om te vergroten).

schalen-paden-naar-oplossingen-coert-visser-en-gwenda-schlundt-bodien-noam.png

Lees ook: Schaalvragen: 3 wetenswaardigheden

Plaatsen/stemmen op NUjij Plaats/Stem op NUjij.nl

De schaalvraag in teambuilding

Hieronder staat een fragment uit een sessie tussen een oplossingsgerichte teamcoach (TC) en een team waarbij de schaaltechniek gebruikt wordt. De coach was gevraagd om de teamleden (TL) enkele keren te begeleiden om de samenwerking in het team te helpen verbeteren.

TC:

Ik zou jullie graag eens willen vragen of het team, wat jullie betreft, al precies is zoals je zou willen dat het is?
TLn: (Gelach) Nee!
TC: (Lachend) Geen probleem! Het zou ook de eerste keer zijn dat ik zou meemaken dat het in een team al precies zo gaat als iedereen wenst. Oké, ik wil dan graag eens verkennen waar het team al staat. Stel je eens een schaal voor van 0 tot 10 waarbij 10 staat voor de situatie waarin het al helemaal gaat zoals je wenst en 0 voor de situatie waarin nog niets gaat zoals je wenst. Wil je eens voor je zelf op de kleine briefjes die ik heb uitgedeeld opschrijven waar jij vindt dat het team staat?
De teamleden geven hun score door. De teamcoach vraagt hen in duo’s eens een voorbeeld te noemen van een voldoening schenkend moment in het team. Ondertussen rekent de teamcoach de gemiddelde score uit. Na enkele minuten neemt de teamcoach het woord weer.
TC: Bedankt voor jullie scores. Ik heb berekend dat de score voor het team een 6 is. Het is dus nog niet zoals jullie willen dat het wordt maar jullie zijn zeker goed op weg naar die situatie. Hoe is het jullie al gelukt om nu op die 6 uit te komen?
TL 1: …. We gaan er allemaal echt wel voor. Dat blijkt ook wel uit het feit dat we hier nu allemaal zo zitten en gewoon allemaal serieus meedoen.
TC: Inderdaad, dat merk ik. Wat heeft nog meer geholpen om op die zes te komen?
TL 2 We zijn er allemaal wel een beetje aan toe om de problemen uit het verleden nu achter ons te laten en vooruit te gaan kijken.
TC: Dat klinkt prima. Wat nog meer?
TL 3: Als het er echt op aankomt dan zorgen we dat we ons werk als team goed doen.
De teamcoach vraagt nog een minuut of 10 door en stelt dan een ander type vraag.
TC: Het team staat nu op een zes, hè? Stel je eens voor dat het team volgende keer dat we elkaar zien op een 7 staat. Wat zou er dan anders en beter zijn in het team?
TL 2: Dan luisteren we beter naar elkaar. Als iemand iets zegt in het teamoverleg dan krijgt hij de ruimte en wordt hij serieus genomen.
TC: Prima, en wat nog meer?
TL 4: We komen op tijd op het overleg. Allemaal op tijd.
TC: Ik kan me voorstellen dat dat goed is. Wat nog meer?
TL 1: We ondersteunen elkaar beter als we zien dat een collega het erg druk heeft. We springen eerder voor elkaar in.
Het gesprek gaat door. Een uur lang stelt de coach allerlei onderdelen van schaalvraag. Naast de vragen die hij al in het voorbeeld stelde vraagt hij ook nog naar voorbeelden van situaties waarin het team eens hoger dan op de 6 stond. Ook vraagt hij richting het einde van de sessie aan ieder teamlid om voor zichzelf te bedenken wat zij de komende week kunnen doen om er aan bij te dragen dat het team een stapje vooruit op de schaal zet. Aan het eind van de sessie is de sfeer positief. De teamleden vonden de sessie prettig en nuttig.
Plaatsen/stemmen op NUjij Plaats/Stem op NUjij.nl

De optimale zône schaal

ozs2.jpgDe schaalvraag is de allerbekendste techniek die voortgekomen is uit het oplossingsgerichte model (hier een voorbeeldvideo). Dit artikel geeft stap voor stap weer hoe je de schaalvraag kunt gebruiken. Toen ik een tijd geleden met een coachee in gesprek was, ontwikkelde zich al pratend tussen ons een interessante variant op de schaalvraag, die ik de optimale zône schaal noem. Deze coachee wilde via de coaching leren om beter voor zichzelf op te komen zodat zij beter haar grenzen zou kunnen stellen. Dit zou haar helpen zich prettiger te voelen op haar werk en het zou haar helpen om haar werkbelasting binnen aanvaardbare perken te houden. Ook zou het haar collega’s helpen. Door beter voor zichzelf op te komen, zouden haar collega’s beter weten waar ze bij haar aan toe zouden zijn. Ook had ze gemerkt dat haar collega’s haar beter respecteerden en meer serieus namen wanneer zij voor zichzelf opkwam. Tegelijk besefte deze vrouw echter dat het voor zichzelf opkomen ook grenzen had. Ze wilde er nadrukkelijk niet in doorschieten. Ze realiseerde zich, dat wanneer ze er te ver in zou gaan ze een haaibaai zou worden. En dat wilde ze absoluut niet. Dat paste niet bij wie zij was en wilde zijn. Ook zou het niet binnen haar functie passen aangezien ze een functie had waarin een vriendelijk en dienstverlenend optreden juist heel belangrijk was. Toen zij dit zo vertelde schetste ik de optimale zône schaal die er uitziet zoals op het plaatje bij dit bericht. Het plaatje visualiseert dat er een flink gebied op de schaal is waarin het goed gaat: de optimale zône. Er zijn twee gebieden waar het niet goed gaat: helemaal links en helemaal rechts. Helemaal links zou ze te weinig voor zichzelf opkomen met alle vervelende gevolgen van dien. Helemaal rechts zou ze collega’s van zich afstoten en bang maken. Ze realiseerde zich dus dat ze het juiste evenwicht moest blijven vinden. De schaal gaf haar vertrouwen en rust. Ze realiseerde zich dat er geen ideaal punt op de schaal was. Het was voor haar goed genoeg om buiten de ‘gevarenzônes’ te blijven en binnen de optimale zône.

Plaatsen/stemmen op NUjij Plaats/Stem op NUjij.nl

Laatste reacties

ManagementSite Netwerk

Redactie