Tijdens mijn vakantie in Tsjechie kwam ik heel goedkope DVD´s tegen van de TV serie Columbo (en ik kocht er een heel stapeltje van). Voor de jongere lezer: Columbo is een Amerikaanse misdaad serie van vroeger met in de hoofdrol Peter Falk als moordzaken detective lieutenant Columbo die werkt bij de politie van Los Angeles. Samen met mijn vrouw en kinderen heb i kheel wat afleveringen bekeken en we hebben er van gesmuld. Hoewel het de afleveringen een formulematig zijn gemaakt zijn ze elke keer een genot om te bekijken. Elke aflevering begint met hoe een moord wordt gepleegd. Je ziet precies waarom en hoe ze moordenaar de moord pleegt en hoe hij of zij deze probeert te verbergen. Meestal duurt het behoorlijk lang voordat Columbo ten tonele verschijnt. Columbo is takes quite long before Columbo enters the scene. Columbo is echt portret. Ten eerste ziet hij er sjofel uit en rijdt hij in een roestige oude bak van een auto die er uitziet en klinkt alsof hij elk moment in elkaar kan storten. Columbo heeft altijd een sigaar in zijn mond en komt onhandig en uitermate verstrooid over. Als hij geconfronteerd wordt met de persoon waarvan wij als kijker al weten dat hij de moordenaar is presenteert hij zich uiterst bescheiden en hij verontschuldigt zich voortdurend voor de vragen die hij moet stellen. Een voorbeeld van zo´n verontschuldiging zou kunnen zijn: “Het spijt me meneer maar ik heb een nieuwe jonge chef en die is een beetje over-enthousiast en hij dwgint mij om al deze vragen aan u te stellen.” Een ander punt is dat Columbo het continu over zijn vrouw heeft. Als hij bijvoorbeeld een filregisseur moet ondervragen zou hij niet ophouden met vertellen over wat voor grote fan zijn vrouw is van het werk van de regisseur. Maar de kijker krijgt mevrouw Columbo nooit te zien. In praktisch elke aflevering is de moordenaar een geslaagde en zelfverzekerde persoon. Enkele voorbeelden zijn: een tv-presentator, een bekende psycholoog, een schrijfster van detectiveverhalen (!) en een accountant met een extreem hoog IQ. Gedurende de aflevering zie je hoe de moordenaar in eerste instantie heel bereidwillig meewerkt met deze bijna zielige imitatie van een detective. Vervolgens, na enige tijd, als Columbo blijft doorgaan met het stellen van indringende vragen (als hij wegloopt, draait hij zich vaak langzaam om, kijkt verward uit zijn ogen en zegt dan iets als: “Oh, excuse me, but there is one more thing I’d like to ask you…”), begint de verdachte meestal geirriteerd te raken en Columbo’s aanwezigheid en zijn vragen zat te worden. Aan het eind van de aflevering verschuift de machtsbalans helemaal in het voordeel van Columbo, totdat opeens de situatie is ontstaan waarin de verdachte schaakmat staat en het bewijs is geleverd. Columbo heeft dan gedetailleerd gereconstrueerd hoe de moord heeft plaatsgevonden.
Het onderstaande fragment toont het einde van de aflevering met de eerdergenoemde superintelligente accountant. Wat dit fragment extra interessant maakt in mijn ogen is dat het prima aansluit bij enkele concepten waar ik vaak over heb geschreven (zoals Carol Dwecks growth mindset enAnders Ericssons deliberate practice).
“You know, sir, it’s a funny thing. All my life I kept running into smart people. I don’t mean smart like you or the rest of the people in this house. You know what I mean. In school, there were a lot of smarter kids. And when I first joined the force, they had some very clever people there. And I could tell right away that it wouldn’t be easy to make detective as long as they were around. But I figured, if I worked harder than they did, put in more time, read the books, kept my eyes open, maybe I could make it happen. And I did. And I really love my work, sir.”

